Voor zorgprofessionals
Klinische context, diagnostische overwegingen en wetenschappelijke literatuur over lumbosacrale overgangswervels (LSTV) en het Bertolotti-syndroom.
Klinische context, diagnostische overwegingen en wetenschappelijke literatuur over lumbosacrale overgangswervels (LSTV) en het Bertolotti-syndroom.
Het Bertolotti-syndroom verwijst naar lage-rugklachten die samenhangen met een lumbosacrale overgangswervel (LSTV). Hierbij is sprake van een aangeboren anatomische variant op de overgang tussen de lendenwervelkolom en het heiligbeen. Dit kan zich uiten als sacralisatie van L5 of lumbarisatie van S1. Afhankelijk van de anatomische variant kan een vergroot dwarsuitsteeksel een pseudo-articulatie of benige verbinding vormen met het sacrum of het os ilium.
Lumbosacrale overgangswervels komen relatief vaak voor in de algemene bevolking, maar veroorzaken lang niet altijd klachten. Wanneer een overgangswervel als waarschijnlijke oorzaak of belangrijke bijdrage aan lage-rugpijn wordt beschouwd, spreekt men van het Bertolotti-syndroom. De beoordeling hiervan vraagt om samenhang tussen het klachtenpatroon, lichamelijk onderzoek en beeldvormende bevindingen.
Deze pagina biedt een overzicht van relevante klinische en wetenschappelijke informatie voor zorgprofessionals die patiënten met chronische lage-rugklachten onderzoeken of behandelen.
Een lumbosacrale overgangswervel (LSTV) is een aangeboren anatomische variant op de overgang tussen de lendenwervelkolom en het heiligbeen. Hierbij kan sprake zijn van sacralisatie van L5 of lumbarisatie van S1.
Er bestaan verschillende anatomische varianten, waaronder:
Deze varianten kunnen de bewegingsverdeling en biomechanische belasting van de lumbosacrale overgang en aangrenzende wervelsegmenten beïnvloeden. In sommige gevallen kan dit bijdragen aan lage-rugklachten.
De aanwezigheid van een LSTV betekent echter niet automatisch dat deze pijn veroorzaakt.
Meer informatie:
Classificaties: Castellvi & Jenkins
Anatomische illustratie van een lumbosacrale overgangswervel (LSTV). Een vergroot dwarsuitsteeksel kan een gewrichtsachtige verbinding (pseudo-articulatie) of benige fusie vormen met het sacrum of het bekken. Dit kan de biomechanica van de lumbosacrale overgang beïnvloeden.
Lumbosacrale overgangswervels komen relatief vaak voor. De prevalentie varieert in de literatuur afhankelijk van de gehanteerde definitie en beeldvormingstechniek, maar wordt meestal geschat tussen 4% en 30% van de bevolking.
Het merendeel van deze varianten is asymptomatisch. In een kleiner deel van de gevallen kan een overgangswervel mogelijk bijdragen aan pijnklachten, bijvoorbeeld door:
abnormale biomechanische belasting
pseudo-articulatie met lokale irritatie
secundaire degeneratieve veranderingen
compensatoire belasting van omliggende structuren
De klinische relevantie moet daarom altijd worden beoordeeld in samenhang met het klachtenpatroon en andere mogelijke oorzaken van lage rugpijn.
Patiënten met het Bertolotti-syndroom presenteren zich vaak met chronische lage-rugpijn, soms al vanaf jonge leeftijd. De aard, locatie en ernst van de klachten kunnen sterk verschillen.
Veel beschreven kenmerken zijn:
Deze symptomen zijn niet specifiek voor het Bertolotti-syndroom en kunnen overlappen met andere oorzaken van lage-rugpijn, waaronder:
Een zorgvuldige differentiaaldiagnostische beoordeling blijft daarom essentieel.
Meer informatie:
Patiënten met het Bertolotti-syndroom ervaren vaak chronische lage-rugpijn, soms al vanaf jonge leeftijd. De pijn kan eenzijdig of tweezijdig optreden rond de lumbosacrale overgang, met mogelijke uitstraling naar de bil, heup of het bovenbeen.
De diagnose Bertolotti-syndroom wordt doorgaans gesteld op basis van een combinatie van:
klinische presentatie
lichamelijk onderzoek
radiologische bevindingen
reactie op diagnostische interventies
Beeldvorming kan bestaan uit:
conventionele röntgenopnamen
CT-onderzoek
MRI
Radiologische herkenning van een overgangswervel vereist aandacht voor:
vergroting van het dwarsuitsteeksel van L5
pseudo-articulaties met sacrum of ilium
asymmetrische varianten
fusievarianten
De verslaglegging van LSTV varieert in de praktijk en wordt niet altijd expliciet benoemd.
Meer informatie:
Beeldverhalen
Het vaststellen van de klinische relevantie van een lumbosacrale overgangswervel (LSTV) vraagt om een zorgvuldige beoordeling. Niet iedere overgangswervel veroorzaakt klachten, maar bij sommige patiënten kan de afwijkende anatomie een belangrijke pijnbron vormen.
Bij de klinische beoordeling zijn onder andere relevant:
Een diagnostische infiltratie van de pseudo-articulatie kan aanvullende aanwijzingen geven over de vermoedelijke pijnbron. Tijdelijke pijnvermindering ondersteunt de klinische beoordeling, maar vormt op zichzelf geen sluitend bewijs.
Meer informatie:
Klinische duiding vereist het zorgvuldig combineren van klachten, lichamelijk onderzoek en beeldvorming om te beoordelen of een lumbosacrale overgangswervel daadwerkelijk een rol speelt bij de klachten.
De behandeling van het Bertolotti-syndroom wordt afgestemd op de vermoedelijke pijnbron, het klachtenpatroon, de ernst van de beperkingen en eerdere behandelresultaten.
In de medische literatuur worden verschillende behandelopties beschreven.
Conservatieve behandeling
Interventionele behandeling
Chirurgische behandeling
Niet iedere behandeling is voor iedere patiënt geschikt. De wetenschappelijke onderbouwing voor specifieke behandelingen bij het Bertolotti-syndroom is nog beperkt. Vooral bij interventionele en chirurgische behandelingen zijn zorgvuldige patiëntselectie en beoordeling van de vermoedelijke pijnbron essentieel.
Meer informatie:
Bij patiënten met een lumbosacrale overgangswervel (LSTV) vraagt manuele behandeling om aandacht voor de afwijkende anatomie en mogelijke veranderingen in de biomechanica.
Voor chiropractors en andere manueel behandelaars zijn vooral de volgende punten relevant:
Het wetenschappelijk bewijs voor chiropractische behandeling specifiek bij het Bertolotti-syndroom is zeer beperkt en bestaat voornamelijk uit casusbeschrijvingen. Er kan daarom geen uitspraak worden gedaan over de effectiviteit of veiligheid van specifieke manipulatietechnieken bij deze patiëntengroep.
Aanvullende literatuur:
Konin GP, Walz DM. Lumbosacral Transitional Vertebrae: Classification, Imaging Findings, and Clinical Relevance. AJNR, 2010.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/20203111/
Muir JM. Chiropractic management of a patient with low back pain and an incidental finding of Castellvi type II LSTV. 2012.
https://www.sciencedirect.com/science/article/abs/pii/S1556370712000831
Voor patiënten en hun naasten is een aparte informatiepagina beschikbaar met begrijpelijke uitleg over het Bertolotti-syndroom, mogelijke klachten, diagnostiek en behandelingen.
De pagina biedt daarnaast praktische ondersteuning bij de voorbereiding op een artsgesprek, waaronder voorbeeldvragen en downloadbare checklists.
Meer informatie: Voor patiënten
De kennis over het Bertolotti-syndroom is gebaseerd op een relatief beperkt maar groeiend aantal publicaties. Enkele veel geciteerde studies zijn:
Bertolotti M.
Contributo alla conoscenza dei vizi di differenziazione regionale del rachide.
Radiologica Medica, 1917.
Castellvi AE et al.
Lumbosacral transitional vertebrae and their relationship with lumbar extradural defects.
Spine, 1984.
Santavirta S et al.
Surgical treatment of Bertolotti’s syndrome.
Spine, 1993.
Quinlan JF et al.
Bertolotti’s syndrome: a cause of back pain in young people.
Journal of Bone and Joint Surgery, 2006.
Voor een uitgebreider overzicht van wetenschappelijke literatuur:
De onderstaande publicaties behoren tot de meest geciteerde studies over lumbosacrale overgangswervels (LSTV) en het Bertolotti-syndroom binnen de medische literatuur.
De informatie op deze pagina is gebaseerd op wetenschappelijke literatuur over lumbosacrale overgangswervels (LSTV) en het Bertolotti-syndroom. Hieronder staan enkele veel geciteerde publicaties binnen dit onderwerp.
Bertolotti M.
Contributo alla conoscenza dei vizi di differenziazione regionale del rachide con speciale riguardo all’assimilazione sacrale della V lombare.
Radiologica Medica. 1917.
Castellvi AE, Goldstein LA, Chan DP.
Lumbosacral transitional vertebrae and their relationship with lumbar extradural defects.
Spine. 1984;9(5):493–495.
Santavirta S, Tallroth K, Ylinen P, Suoranta H.
Surgical treatment of Bertolotti’s syndrome.
Spine. 1993;18(8):983–987.
Quinlan JF, Duke D, Eustace S.
Bertolotti’s syndrome: a cause of back pain in young people.
Journal of Bone and Joint Surgery. 2006;88-B:1183–1186.
Aihara T, Takahashi K, Ogasawara A, Itadera E, Ono Y, Moriya H.
Intervertebral disc degeneration associated with lumbosacral transitional vertebrae.
Journal of Bone and Joint Surgery. 2005.
Elster AD.
Bertolotti’s syndrome revisited: transitional vertebrae of the lumbar spine.
Spine. 1989.
Apazidis A, Ricart PA, Diefenbach CM, Spivak JM.
The prevalence of transitional vertebrae in the lumbar spine.
Spine Journal. 2011.
Voor een uitgebreider overzicht van studies en publicaties:
De informatie op deze website is bedoeld ter ondersteuning van patiënten en zorgprofessionals.
De inhoud vervangt geen medisch advies. Voor diagnose en behandeling is het altijd belangrijk om een arts te raadplegen.