Klachten & herkenning
Variatie in klachten en klinische interpretatie.
Variatie in klachten en klinische interpretatie.
Het Bertolotti-syndroom veroorzaakt niet bij iedereen dezelfde klachten. De plaats, ernst en duur van de pijn kunnen sterk verschillen.
Ook heeft niet iedereen met een lumbosacrale overgangswervel (LSTV) pijn. Sommige mensen hebben deze aangeboren anatomische variant zonder daar ooit klachten van te krijgen.
Een overgangswervel kan bijdragen aan lage rugpijn, maar hoeft niet de oorzaak te zijn. Van het Bertolotti-syndroom spreken we wanneer er voldoende aanwijzingen zijn dat de overgangswervel samenhangt met de pijnklachten.
Daarom kijkt een arts niet alleen naar röntgenfoto’s, CT-scans of MRI-beelden, maar ook naar de klachten, het lichamelijk onderzoek en andere mogelijke oorzaken van de pijn.
Bij mensen met het Bertolotti-syndroom kunnen verschillende klachten voorkomen. De meest beschreven klachten zijn:
De klachten kunnen voortdurend aanwezig zijn of in perioden verergeren. Sommige mensen ervaren ernstige pijn die hun dagelijkse activiteiten, werk en nachtrust aanzienlijk beperkt.
Niet iedereen heeft dezelfde klachten. Ook kunnen deze symptomen andere oorzaken hebben dan het Bertolotti-syndroom.
Bij sommige mensen met het Bertolotti-syndroom straalt de pijn vanuit de onderrug uit naar de bil, heup of het been. Daarbij maken artsen onderscheid tussen twee soorten pijn:
Uitstralende pijn betekent dus niet automatisch dat een zenuw bekneld zit. Ook is uitstraling naar het been niet specifiek voor het Bertolotti-syndroom. Verder onderzoek kan nodig zijn om de oorzaak vast te stellen.
De ernst en het verloop van de klachten kunnen sterk verschillen. Sommige mensen hebben af en toe pijn, terwijl anderen dagelijks ernstige of zelfs invaliderende pijn ervaren.
Bij de één wisselen pijnlijke perioden zich af met perioden waarin weinig of geen klachten aanwezig zijn. Bij de ander is de pijn voortdurend aanwezig en kan deze in de loop van de tijd toenemen.
Er is geen vast verloop dat voor iedereen met het Bertolotti-syndroom geldt.
Bij het Bertolotti-syndroom kan de pijn vooral aan één kant van de onderrug voorkomen. Dit wordt onder andere beschreven bij mensen bij wie de overgangswervel links en rechts verschillend is gevormd.
Toch hoeft de pijn niet beperkt te blijven tot één kant. Ook pijn aan beide kanten is mogelijk.
Eenzijdige lage rugpijn is bovendien niet specifiek voor het Bertolotti-syndroom en kan verschillende andere oorzaken hebben.
Bij het Bertolotti-syndroom is de onderste wervel van de rug anders gevormd dan gebruikelijk. Hierdoor kan de onderrug anders bewegen en kunnen bepaalde gewrichten, spieren en andere delen van de rug extra worden belast.
Er zijn verschillende manieren waarop hierdoor pijn kan ontstaan:
Niet iedereen met een overgangswervel krijgt pijn. Ook kan de pijn bij verschillende mensen een andere oorzaak hebben. Soms spelen meerdere pijnbronnen tegelijkertijd een rol.
Om te onderzoeken waar de pijn vandaan komt, kijkt een arts naar de klachten, het lichamelijk onderzoek en de resultaten van bijvoorbeeld een röntgenfoto, CT-scan of MRI.
Meer weten? Op de pagina Medische uitleg & Anatomie lees je meer over de verschillende soorten overgangswervels en hun invloed op de onderrug.
Het Bertolotti-syndroom wordt niet altijd direct herkend als mogelijke oorzaak van lage rugpijn. Vooral bij mensen die al op jonge leeftijd rugklachten krijgen, kan het zinvol zijn om te onderzoeken of er sprake is van een overgangswervel.
Er zijn verschillende situaties waarin verder onderzoek zinvol kan zijn:
Deze kenmerken betekenen niet automatisch dat iemand het Bertolotti-syndroom heeft. Ook andere aandoeningen kunnen vergelijkbare klachten veroorzaken.
Een arts kan beoordelen of verder onderzoek naar de overgangswervel zinvol is.
Het Bertolotti-syndroom wordt niet altijd direct herkend als mogelijke oorzaak van lage rugpijn. Daar zijn verschillende redenen voor:
Daarom is het belangrijk dat een aanwezige overgangswervel zorgvuldig wordt beoordeeld in samenhang met de klachten. Zo kan worden onderzocht of deze mogelijk een rol speelt bij aanhoudende lage rugpijn.
Meer weten? Lees ook de pagina Wanneer denken aan het Bertolotti-syndroom? voor meer informatie over herkenning en mogelijke vervolgstappen.
De ernst van de pijn zegt niet altijd iets over de vorm van de overgangswervel. Iemand met een kleine anatomische afwijking kan ernstige klachten ervaren, terwijl iemand met een duidelijk afwijkende overgangswervel helemaal geen pijn hoeft te hebben.
Ook op een röntgenfoto, CT-scan of MRI is niet altijd te zien hoeveel pijn iemand ervaart of hoe groot de beperkingen in het dagelijks leven zijn.
Daarom is het belangrijk dat artsen niet alleen naar de beelden kijken, maar ook naar de klachten en de gevolgen daarvan voor het dagelijks functioneren.
De pijn en beperkingen kunnen zeer ernstig zijn, ook wanneer beeldvorming geen duidelijke verklaring geeft. Tegelijkertijd bewijst de ernst van de klachten op zichzelf niet dat de overgangswervel de oorzaak is.
Het Bertolotti-syndroom kan verschillende soorten rugpijn en uitstralende klachten veroorzaken. De ernst en het verloop verschillen sterk per persoon. Sommige mensen ervaren af en toe pijn, terwijl anderen dagelijks ernstige pijn hebben die hun leven aanzienlijk beperkt.
Niet iedereen met een overgangswervel heeft klachten. Daarom is zorgvuldig onderzoek belangrijk om vast te stellen of de overgangswervel daadwerkelijk bijdraagt aan de pijn.
Belangrijk om te onthouden: ook wanneer de oorzaak van de pijn niet direct duidelijk is op een scan, kunnen de klachten en beperkingen ernstig zijn en verdienen ze serieuze aandacht.
StatPearls – Bertolotti Syndrome
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK585032/
Crane J, et al. A comprehensive update of the treatment and management of Bertolotti’s syndrome (Orthopedic Reviews, 2021)
https://orthopedicreviews.openmedicalpublishing.org/article/24980-a-comprehensive-update-of-the-treatment-and-management-of-bertolotti-s-syndrome-a-best-practices-review
Jancuska JM, et al. A Review of Symptomatic Lumbosacral Transitional Vertebrae (2015)
https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC4603258/
Konin GP, Walz DM. Lumbosacral Transitional Vertebrae: Classification, Imaging Findings, and Clinical Relevance (AJNR, 2010)
https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC7964015/
(ook als AJNR-pdf beschikbaar)
McGrath K, et al. Clinical assessment and management of Bertolotti syndrome (The Spine Journal, 2021 – abstract)
https://www.thespinejournalonline.com/article/S1529-9430%2821%2900111-X/abstract
Desai A, et al. Degenerative disease adjacent to lumbosacral transitional vertebrae (J Neurosurg Spine, 2023)
https://thejns.org/spine/view/journals/j-neurosurg-spine/38/6/article-p688.xml
Landauer F, et al. Diagnostic limitations and aspects of the lumbosacral transitional vertebra (Applied Sciences, 2022)
https://www.mdpi.com/2076-3417/12/21/10830
Rakauskas TR, et al. An update on the prevalence and management of Bertolotti’s syndrome (Frontiers in Surgery, 2024)
https://www.frontiersin.org/journals/surgery/articles/10.3389/fsurg.2024.1486811/full
Radiopaedia – Bertolotti syndrome
https://radiopaedia.org/articles/bertolotti-syndrome
Deze informatie is gebaseerd op huidige wetenschappelijke literatuur en is bedoeld ter algemene voorlichting. Het vervangt geen individueel medisch advies.