Classificaties: Castellvi & Jenkins
Radiologische indeling en klinische relevantie.
Radiologische indeling en klinische relevantie.
Niet iedere lumbosacrale overgangswervel (LSTV) heeft dezelfde anatomische vorm of klinische betekenis.
De morfologische variatie loopt uiteen van licht vergrote dwarsuitlopers tot volledige benige fusie met het sacrum.
Classificaties zijn ontwikkeld om:
De anatomie systematisch te beschrijven
Radiologische verslaglegging te uniformeren
Onderzoek onderling vergelijkbaar te maken
Mogelijke klinische relevantie beter te beoordelen
Communicatie tussen radiologen en clinici te verbeteren
Twee classificaties worden het meest genoemd in de literatuur:
De Castellvi-classificatie (radiologisch-morfologisch)
De Jenkins-classificatie (meer klinisch georiënteerd)
De classificatie van Castellvi et al. werd gepubliceerd in 1984 in Spine en is gebaseerd op conventionele röntgenbeelden van de lumbosacrale overgang.
Referentie:
Castellvi AE, Goldstein LA, Chan DP. Spine. 1984;9(5):493–495.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/6462404/
De indeling onderscheidt vier hoofdtypen, met subcategorieën (a/b voor unilateraal of bilateraal).
Dwarsuitlopers ≥19 mm in craniocaudale richting.
Er is geen duidelijke articulatie of fusie met het sacrum.
Type Ia: unilateraal
Type Ib: bilateraal
Type I wordt vaak beschouwd als een anatomische variant waarvan de klinische relevantie minder duidelijk is dan bij typen met pseudo-articulatie of fusie.
Er is een gewrichtsachtige verbinding tussen de vergrote dwarsuitloper van L5 en het sacrum.
Type IIa: unilateraal
Type IIb: bilateraal
Dit type wordt in meerdere publicaties genoemd als potentieel symptomatisch, omdat de pseudo-articulatie een mogelijke pijnbron kan vormen.
De dwarsuitloper is volledig vergroeid met het sacrum.
Type IIIa: unilateraal
Type IIIb: bilateraal
Hierbij is er geen beweeglijke pseudo-articulatie meer aanwezig.
Aan één zijde een type II (pseudo-articulatie)
Aan de andere zijde een type III (benige fusie).
Dit type kan asymmetrische biomechanische belasting veroorzaken.
De Castellvi-classificatie beschrijft anatomie, niet automatisch klachten.
Een hogere classificatie betekent niet per definitie meer pijn.
Dit wordt uitgebreid besproken in:
Konin GP, Walz DM.
Lumbosacral Transitional Vertebrae: Classification, Imaging Findings, and Clinical Relevance.
AJNR. 2010;31(10):1778–1786.
https://www.ajnr.org/content/31/10/1778
De Jenkins-classificatie is minder breed gestandaardiseerd dan Castellvi, maar wordt in gespecialiseerde literatuur gebruikt als klinisch gerichte benadering.
In plaats van uitsluitend morfologie kijkt deze indeling naar:
De vermoedelijke pijnbron (pseudo-articulatie, discus erboven, facetbelasting)
Reactie op diagnostische infiltratie
Biomechanische impact op aangrenzende segmenten
Mogelijke chirurgische implicaties
De nadruk ligt dus meer op behandelstrategie dan op radiologische vorm.
Hoewel minder uniform beschreven in grote radiologische studies, wordt het concept besproken in klinische reviews, onder andere in:
StatPearls – Bertolotti Syndrome
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK585032/
Orthopedic Reviews – Best practices review
https://orthopedicreviews.openmedicalpublishing.org/article/24980-a-comprehensive-update-of-the-treatment-and-management-of-bertolotti-s-syndrome-a-best-practices-review
Hoewel classificaties waardevol zijn, kennen zij duidelijke beperkingen:
Ze voorspellen niet betrouwbaar of iemand klachten ontwikkelt
Er bestaat variatie in interpretatie van beeldvorming
Nummering van wervels kan lastig zijn bij overgangswervels
Anatomie alleen bepaalt niet de pijnbron
Er is geen universele correlatie tussen type en ernst van klachten
Systematische reviews benadrukken dat klinische correlatie essentieel blijft.
Bijvoorbeeld:
Quinlan JF et al.
Bertolotti’s syndrome: a cause of back pain in young people.
J Bone Joint Surg Br. 2006.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/16943473/
De Castellvi-classificatie is de meest gebruikte radiologische indeling.
De Jenkins-benadering richt zich meer op klinische relevantie en behandelstrategie.
Classificaties beschrijven morfologie, geen diagnose.
Het vaststellen van het Bertolotti-syndroom vereist altijd klinische correlatie.
Castellvi AE et al. Spine. 1984.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/6462404/
Konin GP, Walz DM. American Journal of Neuroradiology. 2010.
https://www.ajnr.org/content/31/10/1778
Quinlan JF et al. Journal of Bone and Joint Surgery. 2006.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/16943473/
StatPearls – Bertolotti Syndrome
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK585032/
Orthopedic Reviews – Comprehensive update
https://orthopedicreviews.openmedicalpublishing.org/article/24980-a-comprehensive-update-of-the-treatment-and-management-of-bertolotti-s-syndrome-a-best-practices-review
Radiopaedia – Lumbosacral Transitional Vertebra
https://radiopaedia.org/articles/lumbosacral-transitional-vertebra
Jenkins AL III et al.
Redefining the Classification for Bertolotti Syndrome. Cureus. 2023.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/36965661/
Jenkins AL III et al.
Long-Term Outcomes Utilizing the Jenkins Classification in Bertolotti Syndrome. Cureus. 2023.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/36898630/
Deze informatie is gebaseerd op huidige wetenschappelijke literatuur en is bedoeld ter algemene voorlichting. Het vervangt geen individueel medisch advies.