Beeldverhaal 03 – Unilaterale lumbosacrale overgangswervel (hemisacralisatie van L5)
CT-beeldvorming van een linker hemisacralisatie van L5 met pseudo-articulatie met het sacrum
CT-beeldvorming van een linker hemisacralisatie van L5 met pseudo-articulatie met het sacrum
In dit beeldverhaal worden coronale CT-reconstructies van één patiënt gebruikt om te laten zien hoe een unilaterale lumbosacrale overgangswervel zichtbaar kan zijn op beeldvorming.
Bij deze anatomische variant is de linker dwarsuitloper van L5 vergroot en vormt deze een pseudo-articulatie met het sacrum. Dit type overgang kan leiden tot een asymmetrische biomechanische belasting van de lumbosacrale overgang.
De cirkel markeert de vergrote linker processus transversus van L5.
Deze dwarsuitloper maakt contact met de ala van het sacrum, waardoor een pseudo-articulatie ontstaat. Dit is kenmerkend voor een lumbosacrale overgangswervel.
Een dergelijke accessoire verbinding kan de normale bewegingsdynamiek tussen de lumbale wervelkolom en het sacrum veranderen. Hierdoor kan de belasting van het overgangssegment asymmetrisch worden verdeeld.
In deze opname is dezelfde overgang zichtbaar in een iets andere coronale reconstructie.
De cirkel markeert opnieuw de accessoire articulatie tussen de linker processus transversus van L5 en het sacrum. De rechterzijde toont een normale, kleinere dwarsuitloper, wat het asymmetrische karakter van deze variant benadrukt.
Deze unilaterale verbinding kan leiden tot asymmetrische belasting van de lumbosacrale overgang, wat mogelijk kan bijdragen aan klachten in de lage rug, bilregio of laterale heup.
De bovenstaande beelden tonen verschillende coronale reconstructies van dezelfde lumbosacrale overgang bij één patiënt.
Er is sprake van een aangeboren lumbosacrale overgangswervel, waarbij de onderste mobiele wervel (L5) een vergrote dwarsuitloper heeft die een pseudo-articulatie vormt met het sacrum.
CT-beeldvorming is bijzonder geschikt om botstructuren en accessoire articulaties duidelijk te visualiseren. Hierdoor kan de anatomische relatie tussen de lumbale wervel en het sacrum nauwkeurig worden beoordeeld.
Op basis van de beeldvorming passen de bevindingen het best bij Castellvi type IIa.
Dit type wordt gekenmerkt door:
een unilateraal vergrote dwarsuitloper van L5
met een pseudo-articulatie met het sacrum
Binnen de Jenkins-classificatie valt deze afwijking in een categorie waarbij de overgangswervel klinisch relevant kan zijn, met name wanneer er sprake is van asymmetrische biomechanische belasting.
Het herkennen van een lumbosacrale overgangswervel op beeldvorming is belangrijk om:
onderscheid te maken tussen een toevallige anatomische variant en een mogelijk symptomatische overgang
beeldvorming correct te interpreteren in relatie tot lage-rug- of heupklachten
gerichte diagnostiek of behandeling te overwegen
Niet elke overgangswervel veroorzaakt klachten. De combinatie van anatomie, klinische presentatie en aanvullende diagnostiek bepaalt uiteindelijk de klinische betekenis.